logo
logo logo
logo logo
logo  
    Search

 

   Minimize

Diagnostiek

Slikanamnese
Na een positieve slikscreening neemt, indien beschikbaar de logopedist, een uitgebreide anamnese af waarbij de medische gegevens die belangrijk zijn voor het logopedisch onderzoek geïnventariseerd worden. Behalve de actuele ziektegeschiedenis en de daarbij behorende klachten worden co-morbiditeit, medicijngebruik, voedingsstatus en cognitieve status in kaart gebracht.

Vragen naar:

• Aard van het slikprobleem
• Ontstaanswijze, beloop
• Ongewenst gewichtsverlies
• Hoesten tijdens het eten
• Vermijden van producten
• Klachten die wijzen op orofaryngeaal probleem
• Klachten die wijzen op oesofageaal probleem
• Wijze en omstandigheden medicijninname
• Voedselinname, voedselweigering
• De wijze waarop de omgeving de slikproblemen ervaart.

 Algemeen:
 • Medicijnen (Richtlijn Slikproblemen NVVA 2001 )

Deze anamnese kan afhankelijk van de plek waar de patiënt verblijft ook afgenomen worden door (speciaal getrainde) verpleegkundigen, huisartsen en verpleeghuisartsen. In bijlage III worden voorbeelden weergegeven van de slikanamnese zoals voorgesteld door de Nederlandse Vereniging van Verpleeghuisartsen (Richtlijn Slikproblemen NVVA 2001)

Aanvullende onderzoeken
Wanneer de slikscreening in de acute fase positief is, is het aan te bevelen nader onderzoek te laten doen naar de aard van de slikproblemen, liefst binnen 24 uur. (Richtlijn NVN CBO 2008, , 2001). Het advies is om alle patenten met Parkinson met spraak en/of slikproblemen te verwijzen naar de logopedist.(Richtlijn Parkinson) in ieder geval bij >5% ongewenst gewichtsverlies in 1 maand of >10% gewichtsverlies in 6 maanden.

Aanvullende onderzoeksmethoden om de veiligheid en doeltreffendheid van het slikken te onderzoeken:
• Bedside assessment: bij deze evaluatie aan het bed inventariseert de logopedist met behulp van een gestandaardiseerd onderzoeksformulier de betrokken hersenzenuwen en spieren. Deze methode geeft met name informatie over de voorbereidende en orale transportfase en deels de pharyngeale fase van het slikken.
• FEES: (Fiberoptic Endoscopic Examination of Swallowing) de logopedist onderzoekt met behulp van een flexibele scoop de farynx en de larynx; de laryngeale sensibiliteit, velumactiviteit, farynxcontractie, effectiviteit van de slikact en de eventuele speekselstase laryngeaal.
• Videofluoroscopie of X-slik volgens logopedisch protocol: dit onderzoek geeft inzicht in het totale slikproces en geeft informatie over de doeltreffendheid van het slikken: gaat het slikken traag, zijn de tongbewegingen voldoende, beweegt de bolus voldoende mee, is er sprake van aspiratie. Ook wordt er gekeken welke compensatie technieken of aanpassingen van de houding effect hebben. De patiënt slikt een contrastmiddel van verschillende consistenties en daarvan worden röntgenbeelden gemaakt.

In de acute fase van een aandoening is onderzoek door de logopedist wenselijk om de slikstoornis te beoordelen en slikadvies te geven zodat maatregelen genomen kunnen worden om complicaties te voorkomen. De logopedist bepaalt dan of aanvullend onderzoek nodig is. Met voldoende informatie over de oorzaak van de slikstoornissen kan voor individuele patiënten een behandelplan op maat worden gemaakt.

Login